De bron openhouden
Sinds een klein jaar is de hervormd-gereformeerde predikant Jacco Overeem, ook columnist in dit blad, medewerker Kerk en Israël bij de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk. Een indruk van zijn werk.
Wat houdt het werk van een medewerker Kerk en Israël in?
De dienstenorganisatie heeft als taak het ondersteunen van het werk van de Protestantse Kerk, de classes en de plaatselijke gemeenten. Voor Kerk en Israël zijn er op dit moment drie parttime medewerkers in dienst. Dat betreft in de eerste plaats een wetenschappelijk beleidsmedewerker, die samen met de synode en haar moderamen verantwoordelijk is voor het beleid van de kerk en de samenwerking met het dienstonderdeel Kerk in Actie. Daarnaast is er een tijdelijk medewerker die vooral als taak heeft om ook jonge generaties meer te betrekken bij het thema. En zelf ben ik vooral verantwoordelijk voor de contacten tussen de dienstenorganisatie, lokale gemeenten en de classicale en plaatselijke commissies voor Kerk en Israel.
In nauwe samenwerking met de Protestantse Raad voor Kerk en Israël, die een werkgroep is van de dienstenorganisatie, mag ik een bijdrage leveren aan het vergroten van de kennis over én het besef van de Joodse wortels van het christelijk geloof, investeer ik in joods-christelijke relaties in Nederland en probeer ik bij te dragen aan het besef van en verzet tegen antisemitisme. De aandacht ligt niet alleen bij wat in de samenleving voortdurend weer de kop opsteekt. Meer nog gaat het om de erkenning dat het anti-judaïsme in onze eigen kerkelijke boezem diepe wortels heeft. Voeden we zelf, bewust of onbewust, in prediking, catechese enz. misschien anti-joodse sentimenten?
De verbondenheid met het joodse volk is onopgeefbaar
, zegt de protestantse kerkorde. Tegelijk voelt een stroming er weinig verbondenheid mee. Hoe gaan jullie als dienstonderdeel om met de onenigheid over dit thema?
Het is duidelijk dat de terroristische aanval van Hamas van 7 oktober en de daaropvolgende oorlog in Gaza, het gesprek ook binnen de kerk op scherp heeft gezet. Hoewel Kerk in Actie
het onderdeel van de kerk is dat partnerschappen heeft in zowel Israël als in de Palestijnse gebieden en voor ons als Kerk en Israël
de focus ligt op (de Joodse gemeenschap in) Nederland, kunnen en willen ook wij er in de praktijk niet omheen.
Waarom zou het of-of zijn in plaats van en-en? We zijn onopgeefbaar verbonden met het volk Israël (dat staat niet los van de staat
Israël, maar valt er ook niet mee samen!) en tegelijk zijn Palestijnse christenen onze oecumenische partners. We blijven proberen om de tegenstellingen te overstijgen door vast te houden aan de meervoudige verbondenheid met zowel Joden als Palestijnen.
U signaleerde eerder Israëlmoeheid
in de kerken. Hoe probeert u de betrokkenheid weer te stimuleren?
Door te proberen iedere keer toch maar weer het onderscheid te maken tussen theologische bezinning en de politieke vertaling ervan. Want juist het politieke conflict en de polarisatie daaromheen zorgen ervoor dat velen het bredere gesprek over kerk en Israël liever uit de weg gaan. Juist vanwege alle emoties die het oproept.
Maar dat kan niet, want het gaat uiteindelijk om de bron waaruit het christelijk geloof is voortgekomen en de wortels ervan. Ik wil dan ook blijven proberen om mijn steentje eraan bij te dragen dat deze bron openblijft. Dat kan alleen maar door deze binnen de kerk steeds weer onder de aandacht te brengen en met het jodendom in gesprek te blijven. Hopelijk leidt het tot meer waardering voor de Joodse bronnen en verdere verrijking van het eigen geloof én dat van de gemeente.
C.M. van Driel
Verbonden jrg. 68 nr. 4 (2024-11)
www.kerkenisrael.nl/verbonden